Category Archives: My reproductive system

Hoe en wanneer begint een zwangerschap?

Men spreekt van een bevruchting wanneer een zaadcel samensmelt met een eicel. De zwangerschap begint enkele dagen na de bevruchting.

De zwangerschap begint pas wanneer de bevruchte eicel door de eileider gereisd is en zich in de baarmoeder heeft genesteld.

Dus als je pas onbeschermde seks hebt gehad of je anticonceptie heeft gefaald, kan een eventuele zwangerschap pas beginnen na zes dagen.

Graph Women NL5

Tekenen van zwangerschap

  • Late menstruatie
  • Zich ziek voelen (misselijkheid)
  • Ziek zijn (braken)
  • Vermoeidheid
  • Gevoelige of pijnlijke borsten
  • Vaker moeten plassen (urineren)

Als je denkt dat je zwanger bent, doe dan een zwangerschapstest en/of ga naar je dokter. Als je zwanger bent is het te laat om noodanticonceptie te gebruiken. Dat kun je alleen gebruiken om een zwangerschap te voorkomen.

trombonebackbottom

 

Je kunt zwanger worden op elk tijdstip van je cyclus

Theoretisch zijn er tijdens de menstruele cyclus van de gemiddelde vrouw zes dagen waarop seks tot een zwangerschap kan leiden. Deze vruchtbaarheidsperiode, ook ‘vruchtbaarheidsvenster’ genoemd, zijn de vijf dagen vóór de eicel vrijkomt (ovulatie of eisprong), plus de dag waarop de eicel vrijkomt.

Graph Women NL3

Je kunt zwanger worden als je onbeschermde seks hebt in de 5 dagen vóór de eisprong omdat sperma ongeveer 5 dagen blijft leven en in de eileiders kan blijven wachten om je eicel te bevruchten. Een eicel zelf leeft maar 24 uur.

Het hoogste risico op een zwangerschap is wanneer de eisprong kort na onbeschermde seks gebeurt

De levensvatbaarheid van het sperma neemt af in de dagen na de seks. Dat betekent dat de kans op bevruchting het grootste is wanneer de eisprong gebeurt tijdens de eerst drie dagen na onbeschermde seks.

Wanneer is deze vruchtbaarheidsperiode?

Er is geen manier om te weten wanneer je vruchtbaarheidsvenster valt. Bovendien kan het elke maand op een ander tijdstip zijn.

Graph Women NL4

Dat betekent dat je bijna tijdens je volledige menstruele cyclus zwanger kunt worden.

  • Je ovuleert misschien niet elke maand op dezelfde dag van je cyclus.
  • Vrouwen met een regelmatige cyclus kunnen in hun vruchtbaarheidsvenster zitten van dag 6 tot dag 21.
  • Vrouwen met een onregelmatige cyclus kunnen in hun vruchtbaarheidsvenster zitten van dag 8 tot dag 28.

 

Ovulatie

OV1

De ovulatie of eisprong is het moment waarop de eicel vrijkomt.  Een vrouw wordt geboren met al haar eicellen. Een eicel (soms twee) groeit en rijpt en komt vrij tijdens elke menstruele cyclus.

 
 

OV2

 

Na de eisprong leeft de eicel ongeveer 24 uur

 

 

OV3

Wanneer de eicel is vrijgekomen van de eierstok gaat ze door de eileider naar beneden naar de baarmoeder. De bevruchting vindt plaats wanneer het sperma van de man samensmelt met de eicel. Sperma kan tot vijf dagen na de seks overleven in de eileiders.

 

OV4

 

Als de eicel niet bevrucht is, wordt ze opnieuw in het lichaam geabsorbeerd. De hormonale niveaus dalen, de baarmoederwand breekt af en verlaat het lichaam in de vorm van de menstruatie.

 

 

OV5

 

 

Een vrouw kan niet zwanger worden als er geen eisprong heeft plaatsgevonden.

De menstruele cyclus begrijpen

De menstruele cyclus is het proces waarbij een eicel elke maand groeit en rijpt en de baarmoeder zich klaarmaakt voor een mogelijke zwangerschap.

De menstruele cyclus wordt aangedreven door lichaamschemicaliën, de hormonen. Een cyclus begint vanaf de eerste dag van je bloeding (menstruatie) tot de eerste dag van je volgende menstruatie. De stijgende en dalende hormonale niveaus tijdens die periode controleren de menstruele cyclus.

Wat gebeurt er in je baarmoeder

 

 

Wat gebeurt er met je hormonen?

De menstruele cyclus wordt gecontroleerd door een complexe interactie van hormonen. Door de stijging van de hormonale niveaus kan de eicel tijdens elke cyclus groeien en rijpen en vrijkomen (ovulatie of eisprong). De baarmoederwand wordt ook dikker.

Hoe ziet het eruit?

Het voortplantingssysteem, ook wel de geslachtsorganen genoemd, zijn de organen die nodig zijn om een baby te maken, of om zich voort te planten.

Je voortplantingssysteem bestaat uit een vulva, een vagina, een baarmoederhals, een baarmoeder, eileiders, eierstokken en borsten. In tegenstelling tot bij mannen zitten de meeste delen van je voortplantingssysteem in je lichaam.